top of page

Rb ZWB 23-08-2023 Geen TBS verlenging maar ZM

TBS-zaak. De rechtbank wijst TBS-verlenging af op grond van het subsidiariteitsbeginsel omdat een Zorgmachtiging wordt opgelegd in een parallelle beschikking (artikel 2.3 Wet Forensische Zorg).


De volledige beslissing in de TBS-zaak is hier te vinden:


Hieronder de belangrijkste overwegingen in de TBS-zaak:


Verlenging, proportionaliteit en subsidiariteit


Gelet op de aard van de stoornis, de ernst van het indexdelict en het ingeschatte recidivegevaar in het geval van staking van de medicatie is de rechtbank van oordeel dat met een verlenging van de tbs de grenzen van de proportionaliteit niet worden overschreden.


Aangaande de subsidiariteit overweegt de rechtbank het volgende. Het risicomanagement bestaat op dit moment uit het verblijf in begeleide woonvorm [woonzorg instelling], waar toezicht en controle op de voorgeschreven medicatie plaatsvindt en er dagelijks contact met [betrokkene] is. Door het FACT-team wordt maandelijks bloedspiegelcontroles uitgevoerd in verband met alcohol- en medicatiegebruik. Met deze vorm van risicomanagement functioneert [betrokkene] de afgelopen jaren stabiel en is het recidiverisico laag, ook nadat de begeleiding door de reclassering werd afgeschaald.


De officier van justitie heeft, naast de vordering tot verlenging van de tbs, een zorgmachtiging voorbereid en onderzocht of deze vormen van zorg ook buiten een tbs-kader realiseerbaar zijn. Uit de stukken bij het verzoek tot een zorgmachtiging komt naar voren dat de vormen van zorg zoals [betrokkene] die nu ontvangt in het kader van een zorgmachtiging kunnen worden voortgezet. De rechtbank is voornemens om het verzoek tot een zorgmachtiging toe te wijzen. Gelet hierop dient de reeds voorwaardelijk beëindigde maatregel van tbs van [betrokkene] naar het oordeel van de rechtbank te worden beëindigd en zal zij de oorspronkelijke vordering van de officier van justitie tot verlenging van de tbs afwijzen.




40 weergaven
bottom of page